Ga naar content Ga naar navigatie Ga naar footer
Legal Tech

Eerste berisping voor AI-gebruik: de verzachtende omstandigheid die jij niet meer hebt

Sinds deze zomer is het geen theoretisch risico meer. De Raad van Discipline heeft voor het eerst een advocaat berispt voor onzorgvuldig AI-gebruik. De uitspraak gaat niet over de vraag óf je AI mag gebruiken, maar over hoe. En één overweging verdient extra aandacht: de verzachtende omstandigheid die de advocaat toen nog wel kreeg, heeft nu niemand meer.


Image
Kelly Walraven
Deel dit artikel
  • Link gekopieerd!
Image

Wat er gebeurde

In twee huurzaken diende een advocaat een conclusie van antwoord in met verwijzingen naar rechtspraak die een AI-tool had gegenereerd. De kantonrechter bij de rechtbank Oost-Brabant controleerde de bronnen. Van de acht aangehaalde uitspraken bestond er één niet, en de zeven andere ECLI-nummers hoorden bij heel andere zaken, waaronder een echtscheidingsbeschikking en een strafzaak*.

De advocaat trok de verwijzingen in met een akte van rectificatie. Ze verving ze niet door juiste rechtspraak en verscheen in beide zaken niet ter zitting. Volgens de kantonrechter was daarmee artikel 21 Rv geschonden. Na een signaal van de rechtbank kwam de deken in actie. Op 27 juli 2026 legde de Raad van Discipline in 's-Hertogenbosch (de Raad) een berisping op*.

Ongemakkelijke les: AI veroorzaakt fout niet, maar maakte deze minder zichtbaar

Wie de uitspraak leest, ziet meer dan een hallucinatie-incident. De advocaat werkte vooral in het arbeidsrecht en nam twee huurzaken aan zonder ervaring op dat gebied. Ze verklaarde dat ze AI-tools destijds zag als een soort zoekmachine en niet bedacht was op het risico van verzonnen rechtspraak*.

De Raad noemde meer fouten. Een wetsartikel over dringend eigen gebruik werd aangehaald in een verweer waar het niet over ging. Tegen de subsidiaire vordering werd geen enkel verweer gevoerd. En de conclusie bevatte een onjuiste stelling over een maximaal aantal pagina’s volgens het procesreglement*.

 De les is ongemakkelijk. AI maakt een gebrek aan deskundigheid niet kleiner, maar minder zichtbaar. Een tekst die overtuigend leest, voelt af. Juist op onbekend terrein, waar je fouten het slechtst herkent, is de verleiding het grootst om die tekst over te nemen.

De maatstaf: rechtspraak die je noemt, moet bestaan

De kern van de uitspraak is helder. Volgens de Raad nam de advocaat de gegenereerde rechtspraak klakkeloos over, zonder de verwijzingen te controleren of de uitspraken zelfs maar te lezen. Alle betrokkenen bij een procedure moeten erop kunnen vertrouwen dat genoemde rechtspraak "daadwerkelijk bestaat en dat verwijzingen kloppen"*.

Dat raakte niet alleen de kernwaarde deskundigheid (Advocatenwet). De Raad oordeelde dat ook de kernwaarde integriteit en Regel 8 (Gedragsregels) waren geschonden: “(…) te onthouden van het verstrekken van feitelijke informatie waarvan hij weet, althans behoort te weten, dat die onjuist is.” Een onjuiste bron in een processtuk is dus niet alleen een kwaliteitsprobleem, maar ook een integriteitskwestie*.

De Raad is wel genuanceerd. Niet iedere fout, zoals één onjuiste verwijzing, levert volgens de Raad een schending van de kernwaarde deskundigheid op. Het gaat om het patroon: blind vertrouwen, geen controle en geen herstel*.

De verzachtende omstandigheid die niemand meer heeft

Dit is de passage om te onthouden. De Raad woog in het voordeel van de advocaat mee dat AI-geletterdheid in juli 2025 nog geen gemeengoed was en dat de NOvA-aanbevelingen over AI-gebruik van later datum zijn. Daarom bleef het bij een berisping*.

Die redenering werkt nu omgekeerd. De NOvA-aanbevelingen liggen er. De AI Act (de Verordening) verplicht organisaties die AI inzetten al sinds februari 2025 om te zorgen voor voldoende AI-geletterdheid. Sinds 2 augustus 2026 is het grootste deel van de Verordening van toepassing. Wie vandaag onzorgvuldig met AI werkt, kan zich niet meer beroepen op onbekendheid met het risico.

Toezicht wordt structureel

Deze zaak staat niet op zichzelf. Het College van Toezicht Advocatuur kondigde in januari 2026 in zijn werkplan aan dat het gebruik van juridische AI-tools onderdeel wordt van het reguliere toezicht. Dekens gaan dat systematischer na via kantooronderzoeken, vragenlijsten en gerichte uitvragen. Inmiddels kregen drie advocaten een waarschuwing wegens onzorgvuldig AI-gebruik, en twee van hen een verplichte AI-cursus (Rechter gaat stap verder: advocaat moet uitleg geven over vermeend AI-gebruik — The Innovative Lawyer).

Het loont om te kijken welke vragen de deken in deze zaak stelde. Welke AI-tool is gebruikt? Was die gratis? Is er een overeenkomst? En hoe is de vertrouwelijkheid van cliëntgegevens gewaarborgd? De advocaat kon niet achterhalen welke tool ze had gebruikt. Het verwijt over vertrouwelijkheid hield uiteindelijk geen stand, maar alleen omdat het tegendeel niet kon worden aangetoond. Een geruststellende basis is dat niet*.

Kun jij die vier vragen vandaag voor je kantoor beantwoorden?

Een controleprotocol in vijf stappen

De uitspraak van de Raad verbiedt AI niet. Ze vraagt om een werkwijze die je kunt uitleggen. Deze vijf stappen zijn een goed begin.

En ontdek je toch een fout: herstel die volledig en sta je cliënt bij op de zitting. De Raad rekende het de advocaat nadrukkelijk aan dat ze haar cliënt na het ontdekken van de fouten niet alsnog, kosteloos, ter zitting bijstond*.

 

1

Open elke bron zelf

Een ECLI-nummer dat bestaat is niet genoeg. Controleer of de uitspraak zegt wat jouw processtuk beweert dat deze zegt. In onderliggende zaak bestonden zeven van de acht ECLI nummers wél, maar ging het om heel andere zaken.

2

Controleer wetsartikelen op de actuele tekst

Klopt het artikel, het lid en de sub? Een verkeerd aangehaalde bepaling valt minder op dan een verzonnen uitspraak, maar kan net zo schadelijk zijn.

3

Check of je alle vorderingen hebt besproken

Laat AI helpen met structuur, maar leg bijvoorbeeld de dagvaarding naast je conclusie en vink elke grondslag af.

4

Wees extra kritisch buiten je eigen rechtsgebied

Juist daar herken je fouten minder goed. Laat een collega met kennis van het rechtsgebied meelezen, of neem de zaak niet aan.

5

Leg vast welke tool je gebruikt en onder welke voorwaarden

Denk aan een verwerkersovereenkomst, EU-hosting, en de garantie dat je data niet wordt gebruikt voor training. Wie kan laten zien dat er toezicht is, staat sterker.

Wat je van je AI-tool mag verwachten

De verantwoordelijkheid blijft altijd bij de advocaat. Tools verschillen wel sterk in hoe eenvoudig ze die controle maken. Een algemene chatbot is geoptimaliseerd voor een plausibel antwoord, niet voor een juist antwoord. Een juridisch platform hoort dat anders te doen. Het moet antwoorden baseren op echte, gesloten bronnen, bij elke bewering tonen waar deze vandaan komt, en eerlijk zeggen wanneer iets niet bestaat.

Toen het Advocatenblad-testpanel vroeg naar een niet-bestaande Hoge Raad-uitspraak, was het antwoord van Legal Mind kort: 'Het is er niet.' Dat is precies het gedrag dat je nodig hebt. Je controleplicht vervalt er niet door, maar je start je controle wel met bronnen die je kunt openen en nalopen (Advocatenblad).

*https://tuchtrecht.overheid.nl/ECLI:NL:TADRSHE:2026:93

Download het controleprotocol en gebruik het als checklist bij AI-ondersteunde processtukken


Image
Kelly Walraven
Deel dit artikel
  • Link gekopieerd!

Gerelateerde artikelen